1970.
Alvorens naar New Foundland te vertrekken werd de SL 103 in de Noordzee
ingezet en werkte vanuit Great Yarmouth. Ze was eigenlijk wat te groot
voor de inloop van deze haven.
1971.
21 Februari vertrekt ze Alblasserdam om te dokken en 3 maart vertrekt
ze richting Canada. 13 Maart wordt Halifax aangedaan en op 20 maart
aankomst in St John’s.
Samen met de SL 9 gaat ze werken voor de Sedco I.
1972.
Nog steeds werkzaam voor de Sedco I vanuit St John’s.
Op 22 juli verwelkomt de 103 de solo zeezeiler Dijkstra te St John’s
na zijn mastbreuk in de Ostar race van Engeland naar de USA.
December wordt onder zeer slechte omstandigheden de Rumba
vastgemaakt en naar St John’s gesleept. (Een verslag is te lezen op
de Joppen pagina.)
1973.
Geen verandering van vaargebied.
Oktober loopt de tanker Sea Transport (3384 ton)
tot aan zijn roer op een kiezelbank bij de zuidoost kust van Kelly’s
eiland (Conception Bay, Canada). De SL 103 heeft samen met de SL 9
de tanker d.m.v. scheren weer vlot getrokken. Tijdens het lostrekken
moest er gestopt worden omdat de tanker verkeerd geballast was en
dreigde om te vallen. Het zat allemaal niet mee want tijdens deze
jop moest er ook nog een zuiger op de 103 verwisseld worden. Helaas
had men geen seegering voor de zuigerpen en werd een schoongemaakte
lasdraad gebruikt. In totaal zijn de schepen er 2 dagen aan bezig
geweest.
1974.
Geen bijzonderheden.
1975.
In januari vertrekken de 103 en 9 naar het Spaanse Tarragona waar
de 103 op 30 januari aankomt. Daarna worden er nog enkele lading reizen
tussen St John’s en Tarragona gemaakt.
September wordt er in Valencia gedokt waar dan ook de zware Gantrykraan
wordt verwijderd, hierdoor wordt de ladingcapaciteit met 100 ton vergroot.
1976.
Tot oktober blijft ze in contract voor de Sedco I en gaat daarna naar
Carthagena om te dokken. Na dok wordt Port Sudan de nieuwe werkhaven
en het rig de Ocean Hurricane.
1977.
Half januari weer terug naar Spanje en verricht ze diverse werkzaamheden
vanuit Tarragona / Almeria.
In mei is ze in Stavanger/Bergen te vinden voor specialistisch werk
op het Noorse plat. De 103 krijgt in New Castle weer een 110 ton zware
Gantrykraan en ploeg aan boord. De 103 zette de ploeg op de zeebodem
waarna de Smit Singapore de sleepdraad overnam en de geul ging maken.
In de geul werd een olietransportleiding gelegd.
Dit duurt tot in juni waarna de 103 nog even in Cork en Esjberg is
te vinden. Augustus naar de HVO werf te Vlaardingen gaat om omgebouwd
te worden tot bergingsschip.
Op 12 september wordt ze overgedragen aan Smit International en wordt
herdoopt in Smit Salvor (2). Ze zal worden ingezet
in het Caribische gebied.
1985.
Overgedragen aan Antilliana Salvage Co. te Havanna (Cuba) en herdoopt
in Caribbean Salvor.
1994.
De nieuwe eigenaar wordt Compania Navegacion Golfo SA ook te Havanna,
het schip wordt niet herdoopt.
Later gestrand op de zuidkust van Cuba en totall loss verklaard.
.JPG) |
Foto boven: SL 103 lost bij de Sedneth I (coll. NSM)