SMIT-LLOYD B.V.
 
Anywhere, Anytime, Anyway
 
Smit-Lloyd 109
Smit-Lloyd 104
Smit-Lloyd 108
Smit-Lloyd 114
Smit-Lloyd 118-2
Smit-Lloyd 105
Smit-Lloyd 110
Smit-Lloyd 115
Smit-Lloyd 119-2
Smit-Lloyd 106
Smit-Lloyd 111
Smit-Lloyd 116
 
Smit-Lloyd 107
Smit-Lloyd 112
Smit-Lloyd 117
 
Smit-Lloyd 109
   
   
 

Foto's boven: de Smit-Lloyd 109 tijdens koninginnedag te Mosselbaai (C de Leeuw), met een gele bef (J Vink) en in de SI kleuren (collectie NSM).

Werf: van der Giessen de Noord, Alblasserdam (899)
Tewater: 15 december 1973
Doopster: Scarascia Mugnozza
In dienst: 4 april 1974
IMO no.
7368281

Eigenaren:

1974 Smit-Lloyd 109 Smit-Lloyd BV Rotterdam
1992 Smit-Lloyd 109 Bretagne Shipping (Smit International) Nassau
1996 Smit-Lloyd 109 Seacor Smit Marine Inc. Morgan City
1998 Red Grebe Care Offshore Zwitserland
1998 Seabulk Grebe Hvide Marine Inc USA
2004 Pimesa    
2005 Rig Deliverer Seawave Maritime SA (Greece) Piraeus
2007 Dolphin VI Austin Shipping Ltd. Piraeus
2010 Sloop Green Ocean Ship Management India  

Terug naar boven

 
 

Geschiedenis Smit-Lloyd 109

De Smit-Lloyd 109 offshore Mosselbaai (W Mooij)
1974.
Op 11 april ontving de 109 bezoek van prinses Margriet en Pieter, er werd een korte rondvaart gehouden op de Waterweg.
De 109 gaat samen met de 107 vanuit Aberdeen werken voor de Waagedrill 2.

1975.
In november wordt er in Alblasserdam gedokt waarna de 109 op 28 november naar Zuid Afrika vertrekt. Er wordt eerst gewerkt vanuit Saldanha Bay voor de Sedco K en in september is de supplyhaven Mosselbaai.

1976 / 1977.
Werkt vanuit Mosselbaai voor de Sedco K.
Op 16 december vond er een aanvaring plaats tussen de tankers Venpet en Venoil, beiden 300.000 ton. De Venpet was in ballast en de Venoil was geladen met 330.000 ton olie. De SL 109 blust de brandende Venpet en sleept haar van de kust weg, een enorme prestatie van de bemanning. De Venpet is naar Port Elisabeth versleept.
De Orinoco lag stand-by in een Zuid Afrikaanse haven maar was niet nodig, jammer voor Smit.

De brand is geblust en de Venpet is door de Smit-Lloyd 109 op sleep genomen (W Mooij).

1978.
Werken voor de Sedco K vanuit Mosselbaai en Port Elisabeth, charteraar is Soekor. In april wordt er in Kaapstad gedokt.

1979.
De supplyhaven wordt Kaapstad. In februari dokken.

1980 / 1981.
Eerst vanuit Kaapstad suppleren maar later wordt dit weer Mosselbaai.
In oktober is het contract afgelopen en vertrekt de 109 naar Singapore. Maakt een reis naar Abu Dhabi en is half december weer in Singapore.

1982.
De 109 lost de SL 104 en daarna de 119 af in Labuan ivm dokken van deze schepen. Daarna blijft de 109 ook vanuit Labuan varen.

1983.
Op 16 januari komt de 109 in Kaapstad aan om te dokken en gaat daarna naar Mosselbaai waar ze samen met de SL 111 weer voor de Sedco K gaat werken.

1984.
In september is de Sedco K vervangen door de Nimphea en is de 111 naar elders vertrokken. De 109 gaat vanuit Port Elisabeth werken.

1985.
In maart wordt er in Kaapstad gedokt waarna de 109 op 15 mei uit Kaapstad vertrekt met bestemming Punta Quilla (Argentinië). Ze werkt hier samen met de SL 26 voor de JFP 11.
Aan het einde van dit jaar vertrekt de 109 naar Macae en lost daar de 11, 15, 16 en 17 af die in Rio moeten dokken.

1986.
Vertrek Macae op 3 januari en de 109 gaat nu naar Soyo (Angola) waar ze op 25 januari aankomt. Ze gaat daar samenwerken met de SL 110.
Na Soyo enige tijd in Abidjan gelegen en daarna naar Quebec om twee lakers op te halen en naar Taiwan te slepen. Vertrek 2 september.
De laker Carnahan was 12.626 grt en 730 ft lang, de Humphtrey was 14.034 grt en 710 ft lang. Op 28 en 29 september gaan de schepen door het Panamakanaal.
Op 2 november worden de schepen losgegooid en gaat de 109 naar Honolulu voor bunkers en stores. 4 November wordt er weer vastgemaakt en koers gezet naar Kaohsiung waar de schepen op 9 december aankomen. Afgelegde afstand bedroeg 12951 mijl.

Paul H Carnahan in betere tijden (Int.)

1987.
Na de lakers afgeleverd te hebben is de 109 naar Sidney gegaan om een oud oorlogsschip op te halen en ook naar Kaohsiung te brengen. Daarna stand-by in Hong Kong.
In april wordt de 109 onder de Bahama vlag gebracht.
14 Mei vertrekken de 109 en 111 van Hong Kong naar New Plymouth, op 29 mei bunkeren in Brisbane. Aankomst Nieuw Zeeland staat er een locale bemanning klaar om het schip over te nemen.
In september is het werk klaar in Nieuw Zeeland en vertrekt de 109 naar Korea.

E Kleefstra

1988.
In juli vertrekt ze van China naar Indonesie om samen met de 110 voor het drillschip Robert F Bauer (Mobil) te gaan werken.

1990.
In Singapore om te dokken.

1991.
De supplyhaven is Labuan.

1992.
In mei vertrekt de 109 uit Singapore om op station te gaan liggen bij Colombo.
De bulkcarrier Blue Ocean verloor haar roer 90 mijl ten noordwesten van Sri Lanka en dreef stuurloos rond. De 109 maakte vast en leverde het schip enkele dagen later af in Colombo.
Bij aankomst Colombo stond er een brandblusteam van Smit klaar om met de 109 naar het brandende schip Normandie Bridge te gaan waar de brand in de containers snel werd geblust.
10 juni: behulpzaam bij het vlottrekken van het containerschip Katsuragi 10 mijl uit de kust van Jeddah in de Rode Zee, ook de Matsas Star was aanwezig.
In juli op stationsdienst te Salala. In 3 maanden tijd éénmaal op een job afgestoomd die gelukkig niet doorging want het was de SL 111. De 111 kon zijn dagelijkse positie niet meer doorgeven ivm rotte radioaccu’s.
Omstreeks oktober wordt de werkhaven Hodeidah (Yemen) waar ze samen met de 111 werkt.
Dit jaar verkocht aan Bretagne Shipping Co. (is Smit International) te Nassau

1993.
In januari is de 109 in Djibouti te vinden.
Begin februari gaat ze naar Piraeus om te dokken. Aankomst 14 februari.
Na de dokking is ze tot 29 maart in Falmouth, daarna gaat ze met het rig Ocean Liberator naar Bulgarije. Ze gaat daar samen met de 115 vanuit Varna werken.

Smit-Lloyd 109 met de Ocean Liberetor (C Kleefstra).

1994.
Tot augustus in Varna en daarna down manned, in oktober gaat de 109 naar Constanza in Roemenië. Het is voor het eerst dat SL schepen in Roemenie werkzaam zijn. De 109 en 115 gaan werken voor de Ocean Liberator.

1995.
In april wordt de s\upplyhaven weer Varna.
13 Oktober is de 109 te Kavalla waar een Griekse kapitein het bevel over neemt. Half december ligt het schip in Piraeus.

Smit-Lloyd 109 gaat over naar de Care Offshore schoorsteen. (coll. NSM)

1996.
Dit jaar verkocht aan Care Offshore (Zwitserland) en herdoopt in Red Grebe.
Eind januari vertrekt de 109 naar West Afrika, aankomst Pointe Noir op 17 februari, aankomst Port Harcourt 8 maart.
In mei komt er een Nederlandse kapitein en Hwtk aan boord, de rest zijn locals. In december nog steeds in Port Harcourt werkzaam.

Red Grebe, collectie NSM.


1997.
In maart komt er een Seacor kapitein en Hwtk aan boord.
11 Juli te Huelva, 18 juli op weg naar Pointe Noire
.
Samen met de SL 119 en de Dea Captain in het Tchatamba veld te Gabon een meersysteem gelegd en de FSO Madiela hieraan afgemeerd. Het meersysteem bestaat uit 12 Stevpris ankers van elk 18 ton, ze werden getest op 300 ton.

1998.
Verkocht aan Hvide Marine Inc. (USA) en de manager is Seabulk Offshore Ltd. (USA), herdoopt in Seabulk Grebe.

2004.
Herdoopt in Pimesa.

2005.
Eigenaar is Rig Deliverer Shipping SA te Piraeus en in beheer bij Seawave Maritime SA (Greece), herdoopt in Rig Deliverer.


Rig Deliverer, Kevin Tate
Rig Deliverer via Ko Rusman.

2007.
Verkocht aan Austin Shipping Lts te Piraeus (vlag Panama) en herdoopt in Dolphin VI. Het beheer is bij Hermes Maritime Services.

Dolphin VI, D Fidler

2010.
Dolphin VI is overgenomen door Green Ocean Ship Management India en naar India gebracht voor de sloop.

Terug naar boven

 
 

Seabulk Grebe (Intern) en onder via Ko Rusman.

Terug naar boven