De Smit-Lloyd
34 start zijn werkzaamheden onder Australische vlag en met een Australische
bemanning.
In 1970 is ze werkzaam vanuit Darwin en het rig is de Sedco 135 E
L Stern
1974.
In september verlaat ze Australië en gaat naar Singapore. De Australische
crew wordt vervangen door Nederlanders en tijdens de dokking wordt de
Smit-Lloyd 34 omgevlagd en herdoopt in Smit-Lloyd 21.
In oktober verlaat de SL 21 Singapore en sleept de Coastal Scout naar
de Rode Zee en komt op 13 november aan in Yenbo. De SL 21 gaat werken
voor de Glomar III.
1975.
Suppleren vanuit Yenbo en sinds eind april wordt dat Ras Shukheir, nog
steeds voor de Glomar III.
Halverwege oktober vertrek naar Singapore
1976.
In februari zit de SL 21 samen met de 14 in Malé bij de Wodeco
VII. In mei is het Chittagon geworden en het rig de White Dragon.
September zijn de SL 21 en 14 werkzaam voor de Fredericksburg vanuit
Rangoon. November wordt er in Singapore gedokt waarna de SL 21 naar
Kuala Belait vertrekt.
1977.
Tot november in Kuala Belait waarna er in Singapore wordt gedokt en
dan wordt de supplyhaven Sattahip in Thailand en de charteraar Amoco
Thailand.
1978.
Tot mei in Sattahip en Songla waarna de SL 21 gehuurd wordt door SISEA
om problemen met de ankerketting van het ms Bonny op
te lossen. De met stuurproblemen kampende Happy Rider
(zwaar transport schip) krijgt hulp van de SL 21 onder contract van
SISEA. Smit kreeg hiervoor (3 dagen werk) een lumpsum van 30.000 gulden.
Nog meer werk voor Smit: Voor Sing $12.000 werdde tanker Myrtea
naar Sultan Shoal begeleid.
Eind juni met de Hopperbarge Aries 660 via het Suez
kanaal naar Augusta in Italië. De eerste dagen van juli kreeg de
21 zwaar weer te verduren en liep ze schade op aan de mast en stuurhuis
maar kwam zonder problemen op 25 juli op Sicilië aan. De beloning
voor deze sleepreis was 100.000 gulden maar daar moesten ook de bunkers
van worden betaald.
Nu volgde er een ladingreisje vanuit Marseille voor Comex Services.
Hierna werd er koers gezet naar Palma de Mallorca waar de bulkcarrier
Sac Malaga aan de grond zat maar helaas viste de SL
21 hier achter het net.
Op 9 augustus is de SL 21 in Tarragona waar ze 2 dagen later weer vertrekt
om naar Sfax te gaan waar ze een paar weken voor Shell Tunirex gaat
werken.
Na Sfax door naar IJmuiden waar de SL 46 wordt afgelost die voor Union
Oil werkt.
In december is de 21 in Great Yarmouth te vinden.
.jpg) |
Te Great Yarmouth
(Mervyn)
1979.
Februari in San Carlos maar dat is van korte duur want een maand later
vertrekt ze via Rotterdam, Amsterdam en Leith naar Aberdeen. September
in Leith en aan het einde van het jaar in Wicklow in Ierland waar ook
de SL 5 aanwezig is.
1980 / 1981.
Op 12 januari vertrekt de SL 21 naar Belem waar5 ze voor de Discoverer
511 werkt. In mei gaat de 21 naar Duala waar samen met de SL 3 voor
de Texas Star wordt gewerkt.
1982.
Tot mei in Duala waarna er in Abidjan wordt gedokt, daarna gaat de reis
naar Singapore waar ze op 26 augustus aankomt.Op 5 november wordt ter
hoogte van Singapore de Thaise vissersboot Fong Kuo Shin
vlotgetrokken op basis van no cure no pay
Verkocht aan Pacific Offshore
SA en herdoopt in Offshore Patriot. Ze zal worden gebruikt
voor tanker moorings.