De Smit-Lloyd
33 begint haar loopbaan onder Australische vlag en met Australische
bemanning.
Collectie
NSM
1975.
Augustus komt de SL 33 in Singapore aan waar de Australiërs vervangen
worden door Nederlanders. De SL 33 wordt gedokt, onder Nederlandse
vlag gebracht en herdoopt in Smit-Lloyd 22.
Werkt met diverse kraanbakken hoofdzakelijk in Indonesische wateren.
1976 t/m 1979.
Sinds januari werkt ze samen met de SL 101 in Kuala Belait, later
komen daar de SL 19, 21 en 42 ook nog even werken.
Op 4 juni loopt de SL 22 bij baken 39 op de Eastern Roads omhoog,
gelukkig met weinig materiële schade.
In 1978 verdiende de SL 22 bij Shell Brunei ruim 6000 gulden per dag.
Begin 1977 moest de SL 22 naar de reeds 2 jaar opgelegde tanker Limatula
die weer in bedrijf genomen werd. De tanker was zo vaak om zijn ankerkettingen
gedraaid dat deze niet meer gehiewd konden worden. Het was de taak
van de SL 22 om de tanker in tegengestelde richting rond te draaien
tot de ankerkettingen vrij van elkaar waren, ze deden dit 7 keer in
24 uur dus waren wel een pikheetje bezig.
.jpg) |
De Smit-Lloyd
22 draait rondjes met de Limatula (C de Leeuw)
1980.
Brunei wordt verlaten en nu is Labuan de supplyhaven.
1981.
Aan het eind van dit jaar wordt er gewerkt voor de Wodeco VII en wordt
de supplyhaven eerst Singapore en later Kuala Trengganu.
W Christ
1982.
Het hele jaar door in Kuala Terengganu voor de Wedeco VII en diverse
platforms.
De Smit-Lloyd 22 krijgt van Esso Maleisië opdracht om naar de
locatie van de Golden Ace te gaan. Hier aangekomen blijkt het schip
omgeslagen te zijn en zinkt binnen een dag.
De Golden
Ace zal binnen 12 uur in de golven verdwijnen (W Christ)
1983.
In juni is de SL 22 verhuisd naar Tanjung Berhala, september is het
Singapore en in december weer Tanjung Berhala
1984.
Op 27 februari vertrokken naar Bombay.