1982.
De Smit-Lloyd 25 start haar werk vanuit IJmuiden voor Pennzoil waar
ze diverse rigs en platforms bedient. Ze werkt samen met de SL 24.
1983 t/m 1985.
Werkzaam vanuit IJmuiden en soms vanuit Beverwijk en Velsen-Noord.
Op 31 januari 1985 sleept de 25 de coaster Celtic Clipper
naar Den Helder. De Celtic Clipper had ter hoogte van Texel machine
problemen gekregen.
1986.
Begin dit jaar draagt ze het werk over aan de SL 74 en gaat voor 2
maanden vanuit Ierland werken. Daarna vervangt ze de SL 29 bij Unical.
In oktober naar Alblasserdam voor de installatie van liquid mud waarna
ze in november naar Hurghada in de Rode Zee vertrekt.
1987.
Tot april werkzaam vanuit Hurghada voor de Maersk Vauguard. Op 18
april door het Suez kanaal waarna even stand-by in Port Said, dan
naar Malta en in juni is ze in Sfax te vinden waar ze voor de RW Mowell
werkt.
In augustus weer naar Malta en in september is de 25 op weg naar de
Noordzee.
1989.
Op 7 november sleept de SL 25 het 23 jaar oude vrachtschip Sun
Heros van Rotterdam naar Piraeus. De Sun Heros was in West
Afrika aan de grond gelopen en door Smit naar Rotterdam gesleept.
Na de Sun Heros slepen de SL 25, SL Suez en een Gulf Fleet schip een
jack-up door het Suez kanaal. Met 3 schepen kreeg de sleep voldoende
snelheid om het konvooi bij te houden.
%20c.jpg) |
Smit-Lloyd 25 sleept de Sun Heros naar Griekenland
(coll. NSM)
1990.
In mei brengt de 25 de kraanponton MB 105 van Bantry Bay naar de IJmond.
Aan het eind van dit jaar wordt de Ron Tapmeyer van het E2 blok naar
Den Helder gesleept door de SL 25, 29 en 92.
1991.
In mei wordt de Takpull 750 naar Cornwall gebracht en gaat de 25 in
charter voor Smit Tak.
Augustus komt de 25 met de Takcrane 1 uit het Franse Rouen aan in
de IJmond waarna ze naar IJmuiden gaat.
September heeft ze een charter voor Heerema om de Uncle John te assisteren
met het plaatsen van een jacket.
In december ligt de 25 bij SWD Schiedam.
1992.
De eerste maanden is de 25 opgelegd maar in maart gaat ze weer vanuit
Beverwijk werken. In juni wordt er bij de Oranjewerf te Amsterdam
gedokt.
November naar Great Yarmouth om een Eerland ponton op te halen en
naar Leith te slepen. Daarna werkzaam vanuit Emden.
1993.
In maart wordt de SL 25 in Dordrecht opgelegd maar in juni kan ze
weer in Velsen-Noord aan de slag.
Oktober wordt de drijvende bok Rotterdam versleept.
1994.
Supply haven is Beverwijk en in maart dokken te Harlingen. In juni
slepen de 25 en 32 een droogdok van Rotterdam naar Bergen (Noorwegen).
Hierna gaat de 25 weer stilliggen in Dordrecht.
Half september komt ze weer in de vaart en na reparaties en trekproeven
vertrok ze onder Bahama vlag naar Singapore.
1995.
De na een aanvaring in brand geraakte chemicaliëntanker Eastern
Bliss wordt geblust en daarna door de 25 naar Singapore gesleept
waar ze op 29 mei aankomt.
1997.
Werkzaam in Port Gentil.