Foto boven: De Smit-Lloyd 27 als Mako in West Afrikaanse
wateren (P Pleyte).
1982.
De Smit-Lloyd 26 vertrekt naar Velsen waar ze de SL 16 tijdelijk gaat
vervangen. Aan het eind van dit jaar is ze werkzaam voor Amoco UK vanuit
Great Yarmouth op de Western Apollo 2 en diverse platforms.
1983.
Eerst werkzaam vanuit Great Yarmouth, daarna wordt het Poole en Fleetwood
en omstreeks september is Peterhead de supplyhaven. Het rig is nog steeds
de Western Apollo 2.
1984.
In februari uit Peterhead vertrokken en nu weer terug in Great Yarmouth,
dit duurt tot september want dan is ze in Velsen-Noord werkzaam.
1985.
Eerst nog Velsen-Noord maar in mei wordt ze afgelost door de SL 29 en
vertrekt dan via Salvador (Brazilië) naar Argentinië waar
ze in juni aankomt.
Samen met de SL 109 suppleert ze vanuit Punta Quilla naar de JFP 11.
Eind 1985 lost ze de SL 43 en 48 in Pointe Noire af in verband met dokken.
1986.
In januari een SBM boei plaatsen bij Calaban (Nigeria) waarna ze nog
even in Port Gentil blijft. In juni is ze weer terug in Beverwijk waar
de SL 27 wordt afgelost ivm ombouwen tot transportschip voor droge bulk.
September bij HVO Schiedam voor schroef reparatie.
Samen met de SL 27 en 91 wordt de Transocean 6 van Den Helder naar het
P6 blok gesleept.
1987.
Werkzaam vanuit Beverwijkj.
De Smit Semi 1 beschadigde haar schroeven toen ze bij Great Yarmouth
van haar ankers sloeg. De SL 26 bracht haar naar Verolme.
1988.
De 26 tracht een sleepverbinding te maken met het Zweedse RO-Ro schip
Vinca Gorthorn hetgeen mislukte. Even later zonk het
schip ter hoogte van Camperduin.
In december is de SL 26 het 2000 ste schip van dit jaar dat de haven
van Den Helder binnen loopt.
1991.
Werkhaven is Den Helder.
1992.
In augustus repareren bij HVO Vlaardingen en daarna naar Den Helder
waar ze voor Elf werkt.
1993.
Begin april komt de SL 26 vanuit Den Helder naar de Beatrixhaven vanwaar
zij op 15 april met pontons vertrok richting Ierse Zee. De 26 en pontons
worden voor een periode van 6 weken door Smit Tak ingezet bij het Morecambe
project.
Daarna weer werkzaam vanuit Velsen-Noord waar o.a. de Neddrill 3 gemoved
wordt. Offshore Marine Contractors betalen 5750 pond / dag voor de SL
26.
1994.
In februari ligt ze op station bij Penzance. In maart wordt hulp verleend
aan het Cypriotische vrachtschip Jeanie Brown die problemen
had met haar voortstuwing. De Jeanie Brown werd naar Cowes gesleept.
April vertrekt de 26 met de Takcrane 1 naar Galvestone en gaat voor
SMC werken, aankomst 18 juni 1994.
Augustus vertrekt de 26 met de Taklift 6 op sleep naar Sao Luis (Brazilië).
Oktober gaan ze weer terug naar Rotterdam waarna bij HVO Vlaardingen
wordt gedokt en dan door naar Dordrecht waar de 26 wordt opgelegd.
1995.
Na een oplegperiode van enige maanden wordt ze in mei onder de Bahama
vlag gebracht waarna ze samen met de SL 31 naar West Afrika vertrekt.
11 Juni komen de schepen in Warri aan.
In juli komt er een locale bemanning aan boord, alleen de kapitein en
Hwtk blijven Nederlanders.
1996/1997.
Werkzaam vanuit Warri.