1972.
Op 10 mei vertrekt de Smit-Lloyd 44 naar Aberdeen om samen met de SL
41 op de Bluewater 3 te gaan werken. De supplyhaven is Aberdeen en soms
Peterhead.
1973 / 1974.
Nog steeds het zelfde werk voor de Bluewater 3.
In november gaat de 44 in Alblasserdam dokken en door een fout met
de karretjes onder het schip valt de 44 scheef op de helling. Eerland
is twee weken bezig geweest om de 44 weer recht te krijgen.
1975.
Eerst nog werken voor de Bluewater 3 en vanaf 1 november wordt de
supplyhaven Fleetwood waar de SL 12 wordt afgelost. Daarna gaat de
44 in december dokken in Alblasserdam.
De Smit-Lloyd 44 met de Seki Rolette op sleep (N
Ouwehand)
1976.
20 Februari gaat de 44 vanuit Esbjerg werken voor de Orion en Maersk
Explorer. De Smit-Lloyd 8, 41 en 42 zijn daar ook aanwezig.
April is het weer Aberdeen geworden en wordt er gevaren op het Montrose
Platform, dit keer samen met de SL 48.
In juni wordt er in Alblasserdam gedokt waarna ze naar Punta Arenas
in Chili vertrekt. Ze gaat daar samen met 41 in de Straat Magelhaes
werken. Het rig wordt de Diamond M Nugget.
De Nederlandse gezellen worden vervangen door Chilenen.
1977 t/m 1981.
Werken vanuit Punta Arenas voor diverse booreilanden en platforms.
Eerst samen met de SL 41, in 1979 komt daar de SL 52 bij en een jaar
later ook de SL 51. In 1980 is ook de SL 45 van de partij.
Augustus 1980 wordt de jack-up Magellan door de John Ross van de werf
in Talcahuana door de Pacific naar Gulfo of Penas (660 mijl) gesleept.
In verband met het zeer slechte weer werd besloten om daar via binnenwateren
naar de Straat Magelhaen te gaan een afstand van 260 mijl. De totale
lengte van de sleep was 190 mtr terwijl de maximale toegestane lengte
180 mtr was, het vaarwater was op sommige plaatsen niet al te breed
zodat besloten werd om de SL 44 als stuurboot te laten fungeren. Het
verliep echter voorspoedig.
Als supplyhaven werd er ook gebruik gemaakt van Laredo en San Gregorio.
1982 / 1983.
In september krijgt de 44 een charter in West Afrika en gaan de Chilenen
er af en komen er weer Nederlanders aan boord. Juni 1986 is ze in
Port Gentil te vinden.
Aan augustus is de 44 weer terug in Nederland en krijgt een grote
onderhoudsbeurt in Alblasserdam, daarna werkt ze vanuit IJmuiden voor
de Maersk Explorer.
1984.
In maart een zeer uitgebreide dokking in Alblasserdam en daarna gaat
ze samen met de SL 117 voor het Franse kraanschip ETPM 1601 werken,
de supplyhaven is Den Helder.
In september dreigt de kotter HD 9 op de kust van
Texel te lopen maar wordt door de 44 naar dieper water gesleept en
overgegeven aan de Elizabeth.
Op 19 november lost de 44 de SL 23 af en gaat samen met de SL 33 de
FG McLintock verzorgen.
1985.
Werkzaam vanuit IJmuiden voor de FG McLintock, samen met de 33 en
later komt de SL 31 de 44 aflossen. De 44 gaat dokken en op 30 augustus
vertrekt ze naar Chili.
September wordt de 44 opgeleverd aan Salamander Shipping (onderdeel
van Smit-Lloyd) en herdoopt in Lilen. Voorlopig blijft
er een Nederlandse kapitein en Hwtk aan boord.
.jpg) |
De Lilen tijdens het banken in Chili (P v Dulken)
1989.
In juli wordt het contract met 2 jaar verlengd en zal de SL 44 onder
Chileense vlag worden gebracht. Ze wordt verkocht aan Ultragas Smit-Lloyd
(Valparaiso) en wordt niet herdoopt.
1990.
Op 6 augustus in aanvaring gekomen met olie productieplatform Spiteful
Norte 2 en zwaar beschadigd. Ze werd verkocht en gerepareerd, sinds
die tijd staat de voormast op het stuurhuis.
De Lilen na de aanvaring (J vd Ster)
1991.
Ze werkt nu onder de naam Leuceton voor de Chileense
Marine.
2009.
Nog steeds voor de Chileense marine maar dit jaar werd ze gespot onder
de naam Raper.