SMIT-LLOYD B.V.
 
Anywhere, Anytime, Anyway
 
Smit-Lloyd 50
Smit-Lloyd 41
Smit-Lloyd 42
Smit-Lloyd 43
Smit-Lloyd 44
Smit-Lloyd 45
Smit-Lloyd 46
Smit-Lloyd 47
Smit-Lloyd 48
Smit-Lloyd 49
Smit-Lloyd 51-2
Smit-Lloyd 52
 
Smit-Lloyd 50
   
   
 

Foto's boven: J vd Ster en J Dorrestein.

Werf: de Waal, Zaltbommel (705)
Tewater: 3 oktober 1975
Doopster: G Faggioli
In dienst: 21 november 1975
IMO no.
742283

De Smit-Lloyd 50 is een verbeterde 40 boot met hogere boeg, storage reels en draaistroom, ook is de 50 iets langer. De winch is uitgerust met een Wichita rem om diepwater ankerwerk te kunnen doen.
De Smit-Lloyd 49 en 50 werden speciaal voor Esso gebouwd om voor de Discoverer II te gaan werken. Door de speciale wensen van Esso werden de schepen Fl. 4.500.000 duurder dan de voorgaande 40-klasse schepen.

Eigenaren:

1975 Smit-Lloyd 50 Smit-Lloyd BV Rotterdam
1985 Smit-Lloyd Suez Smit-Lloyd Shilbaya Cairo
1996 Smit-Lloyd Suez Smit Swire Shilbaya Cairo
1999 Ocean Suez Ocean Marine Services Ltd. Cairo
2006 Lord Gee Rashed Marine Services Ltd. Cairo
       

Terug naar boven

 
 

Geschiedenis Smit-Lloyd 50

De Smit-Lloyd Suez met de Shilbaya schoorsteen (coll. NSM)

1975.
De Smit-Lloyd 50 is een week eerder dan de SL 49 uit Rotterdam vertrokken om vanuit Egypte en Somalië voor de Discoverer II (Esso) te gaan werken.

1976.
Eerst wordt er lading vervoerd van Alexandrië naar Safaga in de Rode Zee en daarna wordt er vanuit Safaga gesuppleerd. De Discoverer II werkt op diepwater en daar zijn de 49 en 50 dan ook voor uitgerust met o.a. een Wichita op de winch.
September wordt er in Malta gedokt en daarna is de supplyhaven Abu Ghussum. Half december vertrekken de schepen naar Malta en de Discoverer II gaat op het Libische plat werken.

1977.
Supplyhaven Malta maar in de zomer is het contract afgelopen en gaan de SL 50 en 49 vanuit Stavanger voor de Drillmaster werken, charteraar is Esso Exploration.
December gaat de 50 in Alblasserdam dokken en daarna gaat ze in Spanje lading ophalen en door naar Belem in Brazilië. Voor de overtocht betaalde Shell Exploreation een mobilization fee van US $ 32.500. Naast de daghuur betaalde Shell een vast bedrag van US $ 675 voor de onkosten in Brazilië.

1978.
Het hele jaar werkt ze samen met de 49 vanuit Belem voor de Discoverer Coral Sea.

1979.
In januari naar Barbados en op 14 februari naar Trinidad om de SL 49 af te lossen. Bij aankomst worden de Nederlandse gezellen afgelost door locals. Het rig is de Discoverer 511 en ze werkt samen met de SL 114. de supplyhaven is Port of Spain.
De bulkcarrier Trade Greece is door het uitvallen van de stuurmachine aan de grond gelopen en wordt door de SL 50 weer vlotgetrokken. Later wordt de Leon, die zijn roer verloren is, geholpen door de SL 50.

1980.
Begin 1980 werken de schepen vanuit Rio de Janeiro en hier zijn ook weer Nederlandse gezellen aan boord gekomen. Van juni tot oktober is de supplyhaven Belem en daarna vertrekken de schepen naar Abidjan.

1981.
Tot juni in Abidjan en daarna gaan de SL 49, 50 en D 511 via Malta naar Syracusa.
December verhuizen ze naar Faro in Portugal.
De tanker Scottish Lion werd door de SL 50 gesleept.

De Smit-Lloyd Suez met de oude Shilbaya schoorsteen (coll. NSM)

1982.
Na Faro / Cadiz gaan de schepen naar Sochna in de Golf van Suez en tot begin december in Mogadiscio in Somalië.
Daarna wordt het even Port Gentil en op 10 december vertrekt de 50 naar het Verre Oosten.

1983.
Begin dit jaar in Singapore en in september werkt ze voor de Discoverer III vanuit Surabaya. December weer terug in Singapore.

1984.
Eerst werkzaam vanuit de Filippijnen en Singapore en daarna vertrekt de 50 naar het Midden Oosten. Begin juli geassisteerd bij het vlot trekken van een Ro-Ro schip de Saudi Moon in de buurt van Hodeidah en augustus vertrekt ze naar Rijeka in Jugo-Slavië.
Oktober is ze weer samen met de 49, nu in Tarragona waar de 50 tot november blijft.

1985.
Vanaf 12 januari samen met de 49 werkzaam voor de Maersk Endurer vanuit Hurghada.
Van 7 tot 11 juli sleept de SL 50 de door motorschade getroffen Ratna Kirti naar Suez.

Door de uiterst slechte markt waarin de komende 18 maanden weinig opleving verwacht mag worden, zijn de SL 49 en 50 veel te duur om in exploitatie te hebben. Ze geven elk een exploitatie tekort van ca. Fl. 900.000 in het boekjaar 1984/85. Om deze reden is besloten om deze schepen af te stoten.
Via Smit-Lloyd Shilbaya is voor de SL 50 een contract met Conoco afgesloten tegen een huur van US $ 1625 per dag voor een initiële periode van 6 maanden met verlenging. Deze huur zou onder een Smit-Lloyd contract een verlies opleveren van ca. Fl. 1.000.000.
Smit-Lloyd Shilbaya is bereid dit schip te kopen voor een bedrag van US $ 750.000,--
Deze prijs is iets boven de huidige marktwaarde, welke ligt tussen de US $ 500.000 en 700.000,--
Alhoewel de boekwaarde van de SL 50 per 1 oktober 1985 nog Fl. 3.100.000 is heeft Smit-Lloyd toch besloten de SL 50 voor deze prijs te verkopen aangezien het verlies aan boekwaarde minder is dan het verlies zou kunnen zijn indien het schip onder Nederlandse vlag blijft.
Op 20 oktober is de 50 verkocht aan Smit-Lloyd Shilbaya en herdoopt in Smit-Lloyd Suez. Er komt een Egyptische bemanning aan boord.

Lord Gee (N Ouwehand)

Terug naar boven

 
 

Ocean Suez (Internet)

Terug naar boven