SMIT-LLOYD B.V.
 
Anywhere, Anytime, Anyway
 
Smit-Lloyd 9
Smit-Lloyd 1
Smit-Lloyd 2
Smit-Lloyd 3
Smit-Lloyd 4
Smit-Lloyd 5
Smit-Lloyd 6
Smit-Lloyd 7
Smit-Lloyd 8
Smit-Lloyd 10
Smit-Lloyd 11
Smit-Lloyd 12
Smit-Lloyd 14
Smit-Lloyd 15
Smit-Lloyd 16
Smit-Lloyd 17
Smit-Lloyd 18
Smit-Lloyd 19
Smit-Lloyd 21
Smit-Lloyd 22
Smit-Lloyd 32
Smit-Lloyd 9
   
   
 

Foto's boven: B van der Hout en J van der Ster.

Werf: van der Giessen de Noord, Krimpen a/d IJssel (855)
Tewater: 17 juni 1966
Doopster: Scheffer- Peters
In dienst: 1 augustus 1966
IMO no.
6615819

Eigenaren:

1966 Smit-Lloyd 9 Smit-Lloyd NV Rotterdam
1972 Smit-Lloyd 9 Smit-Lloyd BV Rotterdam
1984 Mirfak Seateam Shipping BV Den Helder
2002 Mir Haugaland Shipping AS Haugesund
2008 Mir Argogaz Kaliningrad
       

Volgens Lloyds:
1984: Herdoopt in Mirfak. Seateam wordt de eigenaar, operator en manager.
1985: Manager: Seateam Subsea Support.
2000: Operator en manager: Seamar Shipping.
2002: Eigenaar: Seamar Shipping BV.
2002: Herdoopt in MIR, vlag Noorwegen. Haaland Jk wordt eigenaar, operator en manager.
2003: Vlag wordt Norwegian International.
2004: Vlag van Noorwegen.
2007: Haugaland Shipping As wordt de operator en manager.
2007: Onder de vlag van Belize. Still Ltd (Russia) wordt de operator en manager.
2007: Onder Nederlandse vlag en eigenaar wordt Still Ltd.
2008: Herdoopt in Mirfak.
2008: Herdoopt in MIR en Russische vlag. Argogaz Llc (Russia) wordt de reg. eigenaar, operator en manager. Thuishaven is Kaliningrad en roepnaam is UBIF3.

Terug naar boven

 
 

Geschiedenis Smit-Lloyd 9

De SL 9 houdt de Sedco I gaande terwijl de SL 103 ankers runt (J Kooij)

Dit is het eerste schip dat 100% eigendom van Smit-Lloyd is, ook het eerste schip dat met een sleeplier is uitgerust en de eerste sleepreis uitvoerde n.l. de boortender Nola 2 van Aden naar Dubai (3500 mijl) in september 1966.
Deze sleepreis veroorzaakte wel enige onrust bij L.S.I.S. op Westplein 5.
De SL 9 is verder uitgerust met aircon, betere isolatie en een grotere accommodatie. De hut van de 2e wtk is nu ook op het A-dek.
Het schip is in 5 ½ maand gebouwd maar de heer Lels zou graag zien dat de schepen in 5 maanden worden gebouwd.

Na het afleveren van de Nola 2 ging de SL 9 voor ARCO werken vanaf het eilandje Lavan naar de jack-up CE Thornton, eigendom van Reading & Bates.

Smit-Lloyd 9 sleept CE Thornton in de PG (W Kwak)

Begin februari 1967 werd de gehele bemanning door de SL 9 van de CE Thornton gehaald (62 man) want het rig dreigde om te slaan tijdens een zware noordwester storm. 36 Uur later werden de mensen teruggebracht om de schade te repareren. Het rig had op 2 poten staan dansen i.p.v. 3 waardoor dekdelen en versterkingen waren gescheurd. Ook was de fundatie van een der poten zwaar beschadigd. De reparatie duurde 1 week en toen kon men weer gaan boren.

1968.
Lavan Island.
Eerste jop door een Smit-Lloyd schip gemaakt, een pijpenlegger die op drift was geraakt wordt voor stranden behoed. Geen joppen geld want de pijpenlegger werkte voor de zelfde oliemaatschappij als de SL 9.
10 April vertrokken om via Bahrein, Karachi en Kaapstad (Suez kanaal gesloten) naar Rotterdam te gaan waar ze 26 mei verwacht wordt. De reis ging via Karachi om daar spares op te halen die klaar lagen voor de dokking van de SL 9. In Kaapstad werd gebunkerd, de reis duurde 42 dagen en was 14.500 mijl.
In juli is de SL 9 in Great Yarmouth aan het werk.

1969.
Supplyhaven is Great Yarmouth, samen met de SL 4 wordt gewerkt voor de Constellation. Half september wordt de supplyhaven Den Helder en het rig de Penrod 58.

1970.
Op 24 mei vertrekt de SL 9 uit Den Helder en gaat naar Cork om voor de Glomar North Sea te gaan werken. Oktober weer terug in Den Helder en sinds 1 december is het Great Yarmouth geworden.
De SL 9 assisteert bij de aan de grond gelopen kustvaarder Horst H.

1971 t/m 1974.
Begin 71 dokken te Alblasserdam waar de 9 op 16 februari vertrekt, op 27 februari in Halifax en vandaar door naar St John’s. Hier wordt gewerkt voor de Sedco I, samen met de SL 7 en 103.
Samen met de SL 103 wordt de tanker Sea Transport (3384 ton) dmv scheren vlot getrokken, ze was omhoog gelopen bij Conception Bay in Canada.
Omstreeks juli 1974 neemt de SL 9 van het Russische fabrieksschip Viktor King Issep een ernstig gewonde zeeman over en levert hem af op de Sedco I om vandaar per helikopter naar het ziekenhuis in St John’s vervoerd te worden.

I.v.m. de barre weersomstandigheden dacht SL er over om in Canada een toeslag te geven. Dit was niet nodig want er bleken liefhebbers genoeg te zijn. (J Kooij)

1975.
Eind 1975 is het boren in Canada afgelopen en maken de SL 9 en 103 ladingreizen tussen St John’s en Tarragona om de boorspullen over te brengen.
In mei is het contract voor de 9 afgelopen en wordt de SL 48 in Alexandrië afgelost. Zodra de 48 weer terug is gaat de reis naar Noorwegen om duikspullen op te halen en naar Antwerpen te brengen. Daarna wordt het Peterhead.
Augustus dokken in Alblasserdam en daarna naar Aberdeen om voor het Beryll A productie platform te gaan werken. De SL 11 wordt haar collega voor de komende jaren.

Smit-Lloyd 9 onder Beryll A platform (Sleeptros)

1976 t/m 1981.
Samen met de SL 11 werken vanuit Aberdeen voor het Mobil Beryll A platform, de charteraar is Mobil North Sea Ltd en de dagprijs is in 1978 ca. 6000 gulden. Eind 1980 is de 11 niet meer van de partij.

1982.
Werken voor het Nortroll & Beryll A platform vanuit Aberdeen.
Eind 1982 wordt de 9 bedankt en gaat ze naar Velsen om samen met de SL 27 de Dixilynfield 87 te verzorgen.

1983.
Omstreeks juni wordt de supplyhaven Beverwijk, nog steeds samen met de SL 27.

1984.
In mei heeft de SL 9 deelgenomen aan een NAVO oefening tussen Schotland en Noorwegen, konvooi varend in NAVO verband.

Hoffman.

Terug naar boven

 
 

Foto's boven: N Ouwehand en T Sande.

Terug naar boven